Stil en leeg paasweekeinde Ameland

21-04-2020

De fietspaden door de duinen: leeg zover het oog reikt. Het Ballumer Beleefstrand: al even leeg. Op die ene Jeep na die in de verte langs de vloedlijn kruipt. De knusse straatjes in Nes: leeg. Stille Zaterdag had op Ameland een bijzondere dimensie.

De zon schijnt uitbundig. In coronavrije tijden zou de start van het toeristenseizoen op het waddeneiland niet beter kunnen zijn. Maar nu overheerst de stilte. Vanuit zijn hooggelegen ambtswoning aan de rand van Nes wijst burgemeester Leo Pieter Stoel (VVD) naar de weg in de verte: “Normaal zou het daar vol zijn met fietsers die naar het strand rijden.” 

Nu is er niemand te zien. Ameland is niet afgesloten. Iedereen mag in principe nog komen, al worden toeristen ontmoedigd dat te doen. De vijf waddenburgemeesters riepen mensen half maart op weg te blijven. Terwijl de eilandeconomie het van diezelfde toeristen moet hebben. Een spagaat, geeft Stoel toe. “Er is op Ameland nog niemand positief getest op corona, maar als duizenden toeristen nu de oversteek maken, kan dat een enorme hausse aan coronagevallen geven. Daar hebben we onvoldoende medische capaciteit voor. Er staan hier geen tien ambulances klaar.” Stoel heeft niet de illusie dat het longvirus Ameland overslaat. “Dat zou naïef zijn. Maar als het hier eenmaal is, moeten we ervoor zorgen dat de verspreiding ervan niet heel snel gaat.”

De afgelopen weken kreeg hij diverse mailtjes van bezorgde eilanders die pleitten voor een complete afsluiting. Het is balanceren tussen “gooi open en sluit af”, verwoordt hij het. Die balans is er nu. Bezorgd is hij wel om de ondernemers die nu omzet derven. Ameland leeft van het toerisme. Normaal gesproken zouden 14.000 badgasten dit weekend op de boot in Holwerd zijn gestapt. Zouden de terrasjes, zeker met het stralende paasweer, uitpuilen. Maar de stoelen blijven onbezet. 

Ook bij hotel-restaurant Zee van Tijd in Nes. Sytze de Haan en zijn compagnons bedachten een ludieke actie, bij een voor hen dramatische seizoensstart. Vanavond is er voor eilanders een ‘Carpaccio Drive Inn’. “We hebben al 110 bestellingen. Klanten rijden hier met de auto voor en wij doen de pizzadoos met carpaccio in hun kofferbak. Met mondkapjes voor en handschoenen aan.”

Eigenaar George de Jong van de gelijknamige konditorei, bakkerij en ijssalon in Nes, heeft net bakken 1-liter roomijs (smaken: vanille, lemon cake, aardbei, stracciatella en witte chocola) klaargezet. De ijssalon is dicht, net als het horecadeel van zijn zaak. Maar in de bakkerij kan het ijs wel worden verkocht. En ja, natuurlijk loopt hij inkomsten mis. “Maar we moeten gewoon positief blijven. Wij hebben tenminste nog omzet van de bakkerij.” 

Remke Metz van de lichte en royale woonwinkel De Rentmeester in Nes opent volgende week een online-webshop. “Normaal is het hier met Pasen druk met de eerste Duitsers. Ik heb veel vaste klanten, vooral voor mijn kleding. Die wil ik nu online gaan verkopen. Want je ziet”, zegt ze als ze naar haar winkelintereur knikt, “er is nu helemaal niemand.” 

In hotel Nobel in Ballum praten zes horecaondernemers over de periode als de anderhalvemetereconomie op gang komt. Harold van Workum van Beachclub Sunset en hotel/grand café Van Heeckeren omschrijft de situatie als ‘een hele slechte film’. “Normaal zou het hier een gekkenhuis zijn geweest met klanten.” Zijn collega Klaas Theo Akkerman van Eeterij Tante A'n in Hollum: “Topomzetten hadden we gedraaid.” 

Maar ze blikken al vooruit. De gemeente Ameland kan hun wensenlijstje tegemoet zien. Zo willen ze grotere terrassen. Want als je anderhalve meter van elkaar moet zitten, is er meer ruimte nodig. Straten en pleintjes moeten hiervoor gebruikt worden. Van Workum: “Het zal deze zomer erg druk worden, als mensen in eigen land op vakantie gaan. Zijn mensen hier eindelijk, moeten ze straks in de rij voor een plek op het terras staan. Dat kan niet.” Verder: minder toeristenbelasting, latere sluitingstijden van terrassen, meer en latere veerboten van en naar de wal en meer parkeerruimte in Holwerd, de vertrekplaats van de boten naar het eiland. Of desnoods in dorpen als Ferwerd, Marrum of Blije.

Maar een ding staat vast, zegt Akkerman: “We waren gastvrij en blijven gastvrij.” De oproep van de waddenburgemeesters om weg te blijven, daar hebben ze wel wat gemengde gevoelens bij. Want mensen die een huisje hebben, durven nu ook niet te komen. Bang dat ze met de nek worden aangekeken. Een echtpaar uit Groningen dat sinds 2008 een huisje heeft tussen Ballum en Hollum is gisteren gearriveerd. Ze blijven anderhalve maand. “Wij brengen niemand in gevaar en zijn niemand tot last”, zegt de man, die op een bankje naar het lege Ballumer strand tuurt. Van Workum kan dit beamen: “Nergens kun je je zo eenvoudig aan de anderhalve meter houden als op Ameland. Op het strand kun je wel anderhalve kilometer afstand van elkaar houden.”

 

(Trouw 11 april online en dinsdag 14 april in de krant)